![]() |
|
Een kerstverhaal of realiteit?
Wat een fijn gevoel gaf dat ons! Hij heeft wel degelijk een idee ergens over en laat dit (nu al!) heel goed overkomen. Dan ga ik weer helemaal voor het programma. Maar dan komt er weer een moment dat ik even niet zo geduldig, lief, begripsvol ben. Dan schiet mijn stemgeluid toch weer een paar octaven omhoog. Dan denk ik; is het wel geschikt voor ons gezin, kan ik het wel? Zal ik niet terugvallen in mijn oude, soms ongeduldige gedrag? Dat idee wil ik dan toch zo gauw mogelijk weer laten varen. Rémon is nu al zoveel veranderd. En we zijn nog niet eens begonnen in een speelkamer. Het is het allemaal dubbel en dwars waard; En dan weer; hoe zal het Rémon’s zusjes vergaan? Laura van 7 en Emmely van 2? Zullen ze geen aandacht te kort komen? Kunnen ze meehelpen? Al die vragen, waar ik eigenlijk het antwoord al op weet. Een heel prachtig gezicht kunnen we nu elke avond ervaren; Rémon en Emmely worden verzorgd om naar bed te gaan. En kleine Emmely wil in haar ritueel altijd iedereen een kus geven. In eerste instantie duwde Rémon degene dan zachtjes weg. Maar bij Emmely is dit niet meer het geval. Sterker nog, zij is nu de enige die een echte kus krijgt van hem! Dit met getuite lippen en oogkontakt! Alsof het nooit anders is geweest. Dan moet ik van mezelf al deze kleine grote stappen opschrijven, want voor we het weten is dit al heel vanzelfsprekend. Ik kan niet wachten tot het januari 1999 is. Mijn verwarring is af en toe groot, maar mijn gevoel daarentegen is zo goed! Ben ik de enige die zo twijfelt af en toe? En dan…………………… Een paar weken later is er alweer het één en ander veranderd. Bij het vragen om een snoepje of iets te drinken geeft Rémon ons een vrolijke blik cadeau. Door hem te "joinen" hebben we hem gestimuleerd om JA te zeggen! Samen met hem, met beide handen op het aanrecht slaan, en bij elke klap JA te roepen. Prachtig vond hij dat. Bij twee verschillende situaties, waarbij hij naar mij toe kwam om iets te vragen zei hij toch echt een paar keer; mama, mama, mama. Dit klonk niet als mamamama maar waren echt afzonderlijk uitgesproken woordjes. Wat een fantastisch kind is het toch! START-UP HERE I COME!!!
Wij kregen een brief met handige tips en groot nieuws van Stefanie Barenblat, kind-trainer van het Option Institute. (Na de originele tekst staat de Nederlandse vertaling.) Hello from America!Thank you for the chance to be a part of your newsletter—I feel honored to help you help your very special children. With love, Stefanie Barenblat · Child Facilitator · The Son-Rise Program Helpful Hints 1. When you’re joining your child in her/his repetitious or exclusive behaviors, remember that it’s your turn to play her/his game! You are the luckiest person in the world! 2. Experiment with being silent for one session. See what you discover about your own ability to communicate non-verbally, and what you hear your child saying. 3. Vary the way you ask your child to do things. Instead of directly asking your child to come over to you, you might try other ways. For example, you could say, "I want to show you something…over here," as you gesture toward yourself. 4. Imagine that everything your child does is in some way moving toward what you want. Even if your child walks away from you, you could imagine that he or she is walking away to think about the game you just offered to play. In doing so, you’ll build your own excitement, and that will help you continue to invite your child to play with you. 5. Expand your creativity! When you’re playing a game you’ve played many times before, add one thing to it that you’ve never done before. One way to do that is to think of what would be the funniest thing you could do. You could even plan ahead by thinking about it before your session. Small Children…Big Miracles
Now, whenever she wants to play with her "baby" doll, she brings me one, too, and says, "Here’s your baby." What a friend she has become! Handige tips 1. Als je meegaat in jou kinds herhaaldelijk of exclusieve gedrag, onthoud dan dat het jouw beurt is om zijn/haar spel te spelen. Je bent de gelukkigste persoon in de wereld! 2. Experimenteer eens om helemaal stil te zijn in een sessie. En kijk wat je ontdekt over je eigen mogelijkheid om non-verbaal te communiceren, en wat je jouw kind hoort zeggen. 3. Breng variatie aan in de manier om je kind te verzoeken iets te doen. In plaats van rechtstreeks aan je kind te vragen naar je toe te komen, kun je dit ook op een andere manier proberen. Bijvoorbeeld; Je kunt zeggen: "Ik wil je iets laten zien? hier," terwijl je naar jezelf wijst. 4. Stel je voor dat alles wat je kind doet, hij/zij toch op een bepaalde manier jou tegemoet komt in wat je wilt. Ook als hij/zij van je weg loopt, kun je jezelf voorstellen dat hij/zij even wegloopt om na te denken over het spel wat je zojuist hebt voorgesteld. Op deze manier bouw je een eigen enthousiasme op, wat je weer zal helpen om je kind te blijven uitnodigen met je te spelen. 5. Breidt je creativiteit uit! Als je een spel speelt wat je al veel vaker gespeeld hebt, voeg daar dan iets aan toe wat je juist nooit hebt gedaan. Eén manier om dat te doen, is om te denken wat het grappigste is wat je kunt doen. Op deze manier kun je ook vooruit plannen, door iets te verzinnen vóór een sessie. Kleine kinderen? Grote wonderen!
Nu, wanneer ze met haar ‘baby’ pop wil spelen, geeft ze mij ook een pop, "Hier is jouw baby" Wat een vriend is ze geworden!
Stefanie Barenblat (Vertaling: Yvette de Waard)
Ripples on the pond
One more (Barry Neil Kaufman)
Hoe je PGB te gebruiken voor diensten en cursussen uit AmerikaWat is een PGB? PGB staat voor: PersoonsGebonden Budget, geld dat je uit mag geven voor je gehandicapte kind aan bijzondere zorg en therapie en omringende zaken. Je vraagt een PGB aan bij de zgn. ‘zorginstelling’ – eigenlijk altijd het regionale ziekenfonds. De Sociaal Pedagogische Dienst (SPD), het Groene Kruis of een andere dergelijke ondersteunende instelling kan je daarbij behulpzaam zijn en het aanvraagproces begeleiden. Bel de gemeente en vraag. Op basis van de therapie die je wilt gaan toepassen, wordt vervolgens (als alles goed gaat) een bepaald budget toegewezen, je PGB. Met dit PGB in de hand wend je je vervolgens tot de uitkerende instantie die de gemaakte kosten vergoedt – de Sociale Verzekeringsbank (SVB) te Utrecht. Contract Eerst ga je zorgen dat er met iedere instelling of individu waar je diensten van betrekt, een ‘zorgcontract’ is. Een kopie van dit contract moet bij de SVB aanwezig zijn zodat ze kunnen uitbetalen (kun je bijvoorbeeld meesturen met de declaratie/nota). Omdat dit voor velen van jullie in deze tijd speelt, zal ik alvast een poging doen om aan te geven wat er volgens de SVB minimaal in het contract moet staan. Je mag ook een (veel uitgebreider) standaardcontract aanvragen bij de SVB voor instellingen of voor freelancers. Het contract mag niet verlopen zijn op het moment dat je geld aanvraagt, vandaar dat je kunt overwegen om eenmalig een contract voor onbepaalde tijd aan te gaan. Inhoud van het contract
Het Option Instituut schijnt voor sommige gevallen (cursussen?) al standaardcontracten te hebben die ook zouden zijn geaccepteerd door de SVB. Betaling: voorschieten Diensten op gebied van Son-Rise uit Amerika vallen bij de SVB onder de ‘betalingen buitenland’ (contactpersoon is Desiree Tijhuis – tel. 030-2307878). Voor dergelijke betalingen gelden net even andere regels dan voor hulp die ingekocht wordt van Nederlandse hulpverleners. Het komt erop neer dat je de hulp wel vergoed kunt krijgen, (voor hulp uit Amerika zelfs 100% van de kosten), maar dat je de kosten eerst zelf moet voorschieten. Vervolgens lever je een betalingsbewijs in of in plaats daarvan een nota van de Amerikaanse hulpverlener of instelling waarop hij heeft getekend voor ontvangst van het geld, en dan stort de SVB het geld terug op je rekening. De nota mag zijn opgesteld in Nederlandse guldens of buitenlandse valuta (dollars). De SVB keert de dagkoers van de dollars uit zoals die was op de datum van de nota van de hulpverlener. (Je zou de nota kunnen laten dateren op de datum waarop ze geld van je credit card afnemen, zodat je dezelfde dagkoers treft. Dit mag, en je mag zelfs eerst alvast een ongedateerde nota insturen zodat het controleproces bij de SVB alvast in gang wordt gezet en je het geld zo kort mogelijk hoeft voor te schieten). Voor in guldens opgestelde nota’s krijg je natuurlijk gewoon het aantal guldens en is er geen sprake van een dagkoers. Vergoeding Voor hulp die ingekocht wordt van hulpverleners en instellingen uit Amerika, wordt 100% van de kosten vergoed. Mocht het zo zijn dat je een weekcursus van het Option Instituut in bijv. Engeland gaat volgen, dan geldt op dit moment dat de SVB er dan vanuit gaat dat je bij een ‘Britse’ hulpverlener hulp inkoopt, en omdat die gemiddeld goedkoper zijn, krijg je dan maar 78% van de kosten van vergelijkbare hulp in Nederland, vergoed. De SVB overweegt nu (op ons verzoek) of hiervan voor Son-Rise afgeweken kan worden, omdat er in ons geval wel degelijk Amerikaanse hulpverleners in het spel zijn, met overeenkomstige tarieven, die toevallig een cursus in Engeland geven! Nog een aantekening – voor een telefonisch consult zijn er kosten van het consult, maar ook telefoonkosten. Als de Amerikaanse hulpverlener je belt en de tikken op de nota zet, wordt dat zonder meer vergoed. Als je zelf naar Amerika belt, moet je kunnen bewijzen dat de opgegeven telefoontikken ook werkelijk daarvoor gebruikt zijn. Anders gezegd, je eigen telefoontikken naar Amerika worden niet zonder meer vergoed. Ook hier buigt de SVB zich nog over duidelijke richtlijnen. Nou, dit was het wel zover! Houd moed – het lijkt wel ingewikkeld, maar je kunt altijd steun vragen bij de lokale SPD-er of bellen met Desiree Tijhuis bij de SVB of haar vervangster. Ik hoop in elk geval dat bovenstaande informatie wat frustratie zal wegnemen, want het blijkt dat deze hulpinkopen in het buitenland ook voor de SVB-medewerkers niet altijd zomaar voor de hand liggen en dat ze daarom soms verkeerde standaardcontracten opsturen of niet direct de juiste informatie bij de hand hebben. Bovenstaande is uitgebreid doorgesproken met de SVB en zou moeten kloppen! Ik hoop dat we er op termijn toe kunnen komen om een standaardcontract voor onze situatie op te stellen als een soort invulformulier, wat alle Son-Rise ouders kunnen gebruiken en wat dan hopelijk de minste moeilijkheden geeft en de meeste kans op probleemloze uitkeringen en betalingen. Is er iemand met een helder en/of juridisch hoofd die zich hierover zou willen buigen? Namens HoriSon, Karen Gerritsen
Mijn eigen speelkamerOm mijn spelen met Onno nog krachtiger te maken, besloot ik om zelf mijn eigen speelkamer te kreëren. Ik deed het volgende: gedurende 3 kwartier besloot ik te gaan spelen op Max z’n kamer (waar veel speelgoed ligt). Een vrijwilliger was erbij en haar taak was om mij gedurende deze tijd aandacht te geven. Ik vroeg haar om veel naar mij te kijken. Natuurlijk hadden we dit van te voren afgesproken en voelde ik me erg veilig bij haar. Het effect was indrukwekkend. Juist omdat ik speelde (ik maakte een mozaïek van K’nex), voelde ik me binnen zeer korte tijd weer een klein meisje, maar nu vanuit de veilige wetenschap dat ik nu een groot mens ben. Ik voelde de paniek dat er iemand naar me zat te kijken. Ik had altijd gedacht dat ik dat juist zo graag zou willen, maar het was zó eng dat ik niet wist waar ik naar toe moest kruipen. Toen m’n mozaïekje niet werd zoals ik mij dat voorstelde, merkte ik dat ik heel veel oordelen had hoe slecht het was en hoe weinig kreatief ik ben. De oordelen waren zo heftig dat ik bijna niet de moed kon vinden om door te gaan. Ik was verbijsterd dat oordelen al op zo jonge leeftijd in een kinderhoofdje zitten. Ik had nu echter wel de gelegenheid om mijn oordelen in hun pure vorm te bekijken en er aan te werken om ze los te laten. Het was buitengewoon moeilijk voor me om leiding te nemen, om de baas te zijn in mijn speelkamer. (Dit terwijl ik in de kamer naast me hoorde hoe Onno volledig leiding nam over zijn speelkamer en de vrijwilliger die er bij hem was.) Ik durfde dat eigenlijk helemaal niet en ik wist ook helemaal niet wat en hoe het moest. Door hierover veel te vertellen tegen mijn vrijwilliger en te mopperen en bang te zijn, merkte ik dat het wel wat beter werd. Na een tijdje durfde ik haar zelfs te vragen om wat K’nex figuurtjes voor me uit te zoeken. Een hele overwinning. Wat het me heeft opgeleverd: een hele boel ruimte in mezelf om oordelen los te laten en te kiezen voor geluk. Meer rust, minder rugpijn, zeer veel ontzag voor Onno voor de manier waarop hij leiding neemt over z’n eigen leven, en heel veel trots dat ik dat voor hem heb kunnen organiseren. Anneke Groot
Playroom ervaringen met onze 15-jarige zoonToen we eindelijk onze playroom hadden ingericht, had ik er geen idee van of onze Danny er wel plezier in zou hebben om erin te gaan. We hebben nog geen Intensive gedaan (dat gaan we a.s. februari doen), dus hij had nog helemaal geen playroom-ervaring. Wat we al wel hadden, waren vijf vrijwilligers, die stonden te trappelen om aan het werk te gaan. Deze vrijwilligers kwamen trouwens overal vandaan. Eentje reageerde op een radio-interview, dat ik voor Radio Noord Holland heb gedaan, eentje kwam na het lezen van een interview in de plaatselijke krant, eentje reageerde op een poster, die ik bij een Pabo had opgehangen en de andere twee komen bij onze plaatselijke vrijwilligerscentrale vandaan. Omdat Danny overdag gewoon naar school gaat en pas om vier uur thuis is, zijn de playroomtijden daarna. We streven ernaar zo'n 15 uur per week in de playroom door te brengen en tot nu toe lukt dat prima. Wat we doen in de playroom is heel anders dan met kleinere kinderen. Wat absoluut hetzelfde is, is het feit, dat Danny er de regie heeft en hij aangeeft, wat er gaat gebeuren. Wij moeten dan een variatie aanbrengen, net zoals bij kleinere kinderen. Danny is dol op ballen en basketbal. Dit neemt dus een groot deel van de tijd in beslag. Ondertussen zijn wij bezig om de Option begrippen: vriendschap, communicatie, dingen die je wilt hebben of krijgen, eigen verantwoordelijkheid etc. met hem te bespreken, maar allemaal op een speelse manier. Abstracte begrippen proberen we concreet voor hem te maken door dingen op te schrijven, lijstjes te maken, dingen te ordenen, zodat hij een overzicht krijgt. De vorderingen, die hij maakt, zijn fantastisch! Hij maakt goed oogcontact, leert om de beurt te spelen, kan tegen zijn verlies, beseft, dat het om het spel gaat en niet om winnen of verliezen, is veel socialer geworden en begint nu zelfs persoonlijke vragen te stellen aan de vrijwilligers! Hij begint uit zijn eigen wereld te komen om aan onze wereld deel te nemen. Soms gaat dit met vallen en opstaan, maar ook daar kan hij steeds beter mee omgaan. Voor ons is het heel erg duidelijk, dat je ook met veel oudere kinderen prachtig een Son Rise programma kunt draaien! Jan en Simonne Vermeulen
Tips en nieuws
Tips voor in de speelkamer
Wie helpt nu wie?Ons Son Rise programma heeft niet alleen onze zoon Walter enorm vooruitgeholpen maar ook ons eigen leven verrijkt en het opvoeden van onze 3 zoons nog leuker gemaakt. Het was na een nogal lange weg dat we het Option Institute ontdekten, de Startup in Sheffield, Massachusetts volgden het programma full-time thuis konden toepassen, maar zoiets goeds als dit komt nooit te laat. Walter werd 6 jaar geleden geboren als tweede van een twee-eiige tweeling. Normale zwangerschap, normale geboorte, normale baby. Lopen op 1 jaar en 3 maanden. 1e woordjes kwamen met 1 jaar en 10 maanden (auto, huis, fiets), nog voor op zijn tweelingbroertje Thijs. Pas rond 2 en een half begonnen ons dingen op te vallen: achterblijvende taalontwikkeling, uitspraak, motoriek, gebrek aan wederkerigheid, repeterend gedrag (mama, ik ben een visje, ik ben een visje, ik ben een visje, etc etc). Op de peuterspeelzaal viel volgens de leiding echter niets aan hem op. Toen in groep 1 van de basisschool de leerkracht een opmerking over zijn gedrag maakte was dit toch het signaal Walter te laten onderzoeken voor het VTO team (VroegTijdige Onderkenning) bij het Kruiswerk. Voorlopige diagnose: autisme of een daaraan verwante contactstoornis. Voor ons een geweldige klap. Doorverwijzing naar het Autismeteam van het RIAGG. Wachttijd 10 maanden! Daarom hebben we direct hulp ingeroepen van een kinderpsycholoog. We wilden duidelijkheid en aanwijzingen voor de opvoeding en voor de school. De kinderpsycholoog stelde een aan autisme verwante contactstoornis ofwel pervasieve ontwikkelingsstoornis (PDD/NOS). Uiteindelijk heeft het RIAGG die diagnose bevestigd. Intussen zagen we bij toeval de BBC uitzending "I want my little boy back" (september 1997) over het Son Rise programma. Dat heeft alles in gang gezet. Na het lezen van "Son Rise, A Miracle Continues" zijn we begonnen met het programma thuis, buiten de schooluren en met enkele vrijwilligers, en hebben we de Startup cursus geboekt. We hebben vervolgens de schoolinspectie gevraagd om ontheffing van de leerplicht – en gekregen. Toen zijn we vanaf augustus 1998 full-time met 6 vrijwilligers van start gegaan. Nu, 4 maanden later, heeft het Son Rise programma Walter een geweldige vooruitgang in zijn zelfvertrouwen gegeven waardoor hij veel meer naar buiten treedt. Walter heeft een verlate persoonlijkheidsontwikkeling doorgemaakt, bijvoorbeeld via sterk uitprobeergedrag –iets wat hij op eerdere leeftijd geheel niet heeft gehad-. Wederkerigheid en spontaan oogcontact zijn enorm toegenomen. Walter toont nu ook uit zichzelf belangstelling voor gevoelens van anderen, bijvoorbeeld door in een restaurant aan degene naast hem te vragen of het eten lekker smaakt! Een van onze belangrijkste doelstellingen, het vergroten van zijn aandachtsboog, is bereikt. Daardoor gaat Walter inmiddels weer 3 dagen per week naar school (groep 2). In tegenstelling tot voor de zomervakantie droomt hij nu in de klas niet weg! Dankzij de medewerking van Walter’s basisschool kan een van onze vrijwilligers hem regelmatig observeren. Ons programma is nog niet ten einde. Op advies van het Option Institute organiseren we nu sessies met 2 vrijwilligers, bijvoorbeeld 2 volwassenen of 1 volwassene en een kind. Ook Walter’s tweelingbroer speelt hierin regelmatig een rol. Hiermee willen we de ontwikkeling van Walter’s sociale vaardigheden verder stimuleren. Een moeilijk punt vinden we nu dat Walter liever naar school gaat (in tegenstelling tot voor de zomervakantie) dan thuis blijft. We hopen door een ‘outreach’ a.s. januari meer duidelijkheid te krijgen hoe we met hem verder zullen gaan. Door het Son Rise programma hebben we geleerd ‘Child Centered’ te denken, vanuit de motivatie van het kind. Dat heeft het omgaan met onze andere kinderen speelser en gemakkelijker gemaakt. Het Option Institute heeft ons ook in meerdere andere opzichten een andere kijk op het leven gegeven. Dus niet alleen Walter heeft ervan geprofiteerd. Ander winstpunt is dat we ons niet meer afhankelijk voelen van deskundigen. De deskundigen die nog betrokken zijn (het RIAGG heeft afgehaakt) zijn volgend, niet leidend. Het aanvankelijk sombere perspectief ("aan autisme valt niets te genezen") heeft nu plaatsgemaakt voor een hoopvol perspectief en er zijn resultaten. Kortom, wij vinden het Son Rise programma een succes. Belangrijk is natuurlijk dat we ons gesteund weten door geweldige, gemotiveerde vrijwilligers en een zeer coöperatieve school. Fam. Jansz
Mijn naam is Zsuzsanna Pál (40 jaar). Ik ben geboren in Boedapest (Hongarije). Als software engineer kwam ik naar Nederland om te werken. In 1987 trouwde ik met Jacques - hij is een Nederlander. Wij hebben twee niet-autistische kinderen, een jongen van 10 en een meisje van 8. Ik ben vrijwilliger bij Vera Boels. Haar folder, die ik in de bibliotheek zag hangen, vertelde me dat zij autistisch was en op haar foto leek zij een engeltje. Ik werd op slag verliefd op haar. Dit gebeurde in maart; nu negen maanden later ben ik steeds dankbaar dat ik met haar knuffelen mag. In die maanden is zij bijzonder veel veranderd, maar ik ook. Over autisme heb ik al eerder boeken gelezen, maar over Son-Rise en het Option Instituut heb ik voor het eerst van Marianne (de moeder van Vera) gehoord. Bij haar las ik het vierde nummer van Kristal-nieuws, met daarin een oproep voor redactieleden. Ik wil graag aan de krant meewerken, omdat ik hoop, zo meer met de ervaringen van de mensen zelf betrokken te zijn. Hiernaast vind ik het ook leuk om creatief bezig te zijn en deze nieuwsbrief vorm te geven. Zsuzsanna Pál
Moessorgskystraat 41
Recht op gewoon onderwijs, ook voor gehandicapte kinderenBeste vrienden en vriendinnen, Ik loop al enige maanden rond met het idee een steungroep op te richten van ouders die hun ‘speciale’ zoon of dochter op het reguliere basisonderwijs willen hebben. Dus gewoon op die school waar hij of zij heen gegaan zou zijn als hij of zij geen handicap zou hebben. Dit heet inclusief onderwijs. Wel met de noodzakelijke ondersteuning voor school en kind om het tot een succes te maken. Dankzij de VIM en de SDS is het al redelijk gewoon dat kinderen met het syndroom van Down op het basisonderwijs zitten. Maar ook zij hebben nog steeds geen rechten. Voor de groep waar onze dochter onder valt, namelijk kdv-geïndiceerd als meervoudig complex gehandicapte, of andere kinderen met wat ingewikkelder problematiek is het nog steeds moeilijk om een school te vinden die daadwerkelijk inclusief onderwijs wil geven. Wij weten dat heel veel ouders hier een strijd over aan het voeren zijn en het lijkt ons zo leuk om onze krachten en ideeën te bundelen. Wij hebben gigantisch veel materiaal en willen dat met zo veel mogelijk mensen delen. Zelf zijn we nu in beroep bij de Raad van State om onze dochter geplaatst te krijgen met als voornaamste argumenten: het recht op goed onderwijs, en dat betekent naar een buurtschool die er alles aan moet doen haar goed les te geven. De politiek is nu erg bezig om het rugzakje van Netelenbos in te vullen en we horen al dat vooral de speciale scholen vinden dat kinderen met een verstandelijke leeftijd van onder de drie jaar sowieso geen onderwijs moeten krijgen. Het is toch van de gekke dat in een ‘beschaafd’ land als Nederland nog steeds geen recht op onderwijs bestaat, en dat terwijl Nederland wel alle verdragen van de VN, UNESCO en de Europese commissie van de rechten van de mens ondertekend heeft. Hier moet een beweging van de grond komen die bewerkstelligt dat Nederland daadwerkelijk deze verdragen gaat uitvoeren. Wil je ook recht op goed onderwijs voor je kind, of wil je dit ondersteunen, kom dan bij de steungroep voor inclusief onderwijs. Bel, fax, schrijf of e-mail me, voor adressen zie boven, ook als je meer informatie wilt over inclusief onderwijs. Met een rondschrijven kunnen we elkaar op de hoogte houden, en zoveel mogelijk anderen met onze ideeën besmetten. MET INSPIRERENDE GROETEN, TRIX GROOFF Heemstede, 5
oktober 1998
Als Son-Rise Intern in het Option InstituteIk weet nog wat ik de eerste ochtend van mijn verblijf als Son-Rise Intern in het Option Insitute dacht. "Nou gaat het allemaal gebeuren." Wat dat ‘allemaal’ precies betekende, of wat ik me erbij voor moest stellen, dat wist ik niet, maar dat er iets ging gebeuren, dat was duidelijk. En achteraf gezien was deze gedachte geheel juist. Ik kan me voorstellen dat niet iedereen weet wat een SR-Intern is. Even in het kort daarom: een Son-Rise Intern is iemand die voor minstens 6 weken meedraait in de Son-Rise afdeling van het Option Institute (je eigen bijdrage voor kost en inwoning en je training is $1000). Je doet eigenlijk wat een Child Facilatator in training doet:
Ik schrijf dit stukje natuurlijk voor iedereen die het leuk vindt te lezen over mijn tijd in Amerika, maar speciaal voor mensen die het ook leuk lijkt als Intern naar het Option Institute te gaan. Daarom zal ik helemaal aan het begin beginnen: de aanmeldingsprocedure als Intern. Vanaf juni 1997 speel ik met Ronel Yossef, een geweldig jongetje van 6 jaar (autistisch). Ik was ontzettend enthousiast over Son-Rise en was heel blij toen ik in januari 1998 met de familie meemocht naar het Option Institute voor een SR-Intensive. Ik had toen al gehoord van de Internship en was vastbesloten in mijn tijd daar te informeren hoe ik daarvoor in aanmerking kon komen. In de hectische week dat ik daar was, heb ik meteen alles geregeld wat nodig was voor de aanmelding. Er werd een videoband gemaakt van twee sessies van zo’n 10-15 minuten waarin ik speelde met Ronel. Die heb ik daar achtergelaten, samen met de andere dingen die nodig zijn voor de aanmelding, namelijk een ingevuld aanmeldingsformulier en een foto van mezelf. Toen ik terug was in Nederland begon het wachten. Ik had gedacht dat ik wel binnen twee weken, hooguit een maand zou horen of ik toegelaten zou zijn voor de zomer. Ik had het werktempo van de Teachers in Son-Rise nog niet meegemaakt en had er geen idee van hoe gigantisch druk ze het hebben. Eindelijk, in april, toen ik me er al bijna bij neergelegd had dat als ik nog naar het Option Institute wilde, ik dan maar een andere manier moest zoeken, kreeg ik het verlossende telefoontje: ik mocht komen, en ik werd verwacht op 28 juni 1998. En deze 28 juni was de dag van het "Nou gaat het allemaal gebeuren-gevoel". Hoewel het spelen in de kamer en de feedbacks daarop niet het grootste deel van mijn tijd in beslag nam, was het natuurlijk wel het belangrijkste en voor mij het spannendste gedeelte van het programma. Gelukkig werd er niet van me verwacht dat ik als een volleerd Facilitator de kamer binnenstapte. De eerste week was ik maar voor twee keer een kwartier ingeroosterd en werd ik beiden keren geobserveerd: ook de Teachers wilden natuurlijk zeker van hun zaak zijn als ze nieuwe mensen de kamer inlieten. Daarna liep mijn tijd in de speelkamer snel op en kreeg ik nog maar een keer per week feedback in de klas van de minstgevorderden. Voor mij voelde het als een grote eer hierbij aanwezig te mogen zijn. De training die deze mensen krijgen ging zo diep, het grootste deel van de tijd werd besteed aan dialogen. Het ging niet alleen over hoe het werk binnen de vier muren van de speelkamer, maar ook over hoe je buiten de speelkamer in het leven stond! Na deze trainingen mee te hebben gemaakt snapte ik iets beter hoe de Teachers die met ons werkten tijdens de Intensive geworden waren zoals ze waren. De feedback die voor mij het belangrijkste was, kreeg ik van Kate. In de weken daarvoor had ik regelmatig dialogen gehad die gingen over mijn onzekerheid en waarom ik altijd zo ‘lievig’ doe. Daarbij stootte ik op een paar beliefs die niet zo positief voor mij waren maar ik wist niet hoe ik die moest veranderen. Toen kreeg ik dus die feedback van Kate. Het eerste wat ze zei was: "You are so cute (schattig)!" Ze vertelde me ook dat je in de speelkamer ook iets anders nodig had dan ‘cute’ zijn. "I want you to change to a strong, powerful energy." We hebben in die training toen manieren bedacht om buiten de kamer meer zo te zijn. Ik heb het gevoel dat er toen echt wat omgeslagen is en ik heb een sterkere kant van mezelf leren kennen. In het begin had ik er, vooral in de speelkamer zelf, nog wel last van dat mijn Engels niet vloeiend was. Ik had er moeite mee mijn enthousiasme vast te houden als ik eerst in mijn hoofd een vertaalslag moest maken voordat ik kon zeggen wat ik wilde zeggen. Op een gegeven moment waren er in een week zowel een Spaans jongetje als een Portugees meisje aanwezig. We moesten toen van beide talen een beetje de basis leren en ik kan jullie vertellen dat dat niet makkelijk was. Er was ook een jongetje wat regelmatig beet. Ik moet toegeven dat ik het in het begin best moeilijk vond om niet bang van hem te zijn. Maar het was wel iets wat ik absoluut wilde leren, om op elk moment onvoorwaardelijk van hem te houden. Het werken in het Son-Rise team op zich was ook heel leerzaam. Hoe ze in hun werk het ‘Happiness is a Choice’ toepasten vond ik erg indrukwekkend. Iedereen had het gigantisch druk, maar op de een of andere manier was de sfeer toch helemaal niet stressig of onpersoonlijk. Iedereen zet zich echt tot het uiterste in om de ouders een zo goed mogelijke Intensive aan te bieden, want daar gaat het allemaal om! Naast het hele Son-Rise gebeuren was het natuurlijk ook een hele ervaring om twee maanden op het Option Institute rond te lopen. Het hele jaar door zijn daar vrijwilligers voor bijv. het werk in de keuken en het landgoed. Zij hebben Volunteer Classes en deze heb ik ook bijgewoond. Ik heb daar ook mensen ontmoet die ik nu nog steeds eens in de zoveel tijd zie (dit is mogelijk omdat sommige van hen ook in Europa wonen). Toen ik weer net terug was in Nederland miste ik de sfeer ontzettend. Ik vond het zo vreselijk om in dat drukke Amsterdam rond te lopen, waar ik helemaal niemand rond zag lopen die ik kende! De eerste twee weken dacht ik steeds dat ik mensen herkende op straat. Nu ben ik wel weer geacclimatiseerd, maar ik vind het wel heerlijk mensen te ontmoeten die ook bezig zijn met Option en Son-Rise of mensen die ik daar afgelopen zomer heb ontmoet. Ik vind het ook leuk om over mijn ervaringen te vertellen. Natuurlijk kan ik alles wat ik heb meegemaakt niet kwijt in dit stukje. En daarom nodig ik iedereen uit die erover denkt zich aan te melden als SR-Intern en graag nog beter wil weten hoe het was voor mij, mij op te bellen. Ik ben thuis moeilijk te bereiken. Als je me wilt spreken, spreek dan even een boodschap in op de voice mail van dit nummer, dan bel ik terug: tel: 06-54 240 790. Mijn email-adres is: esp@dds.nl Ik wil eindigen met het volgende: ik kan de Internship iedere vrijwilliger aanraden, het is echt een geweldige ervaring! Eva Potharst
Stichting HoriSon 2002
|